Hoe verzorg je kikkervisjes of kikkerdril?

In het voorjaar zijn er weer volop kikkervisjes of kikkerdril beschikbaar. Je vindt dit in vijvers of sloten. Het is toegestaan om zowel kikkerdril als kikkervisjes te vangen en ter educatie te houden. Hoe verzorg je kikkervisjes? Dit is helemaal niet moeilijk, maar je hebt hier wel een aantal dingen voor nodig. Lees maar eens hoe je dat doet.

Kikkers en padden zijn beschermde diersoorten

Je mag niet zomaar kikkers en padden in het wild vangen en als huisdier houden. Het gaat hier namelijk om beschermde diersoorten. Kikkerdril, dat zijn de eitjes van kikkers, mag je wel meenemen. Dit komt omdat kikkerdril niet beschermd is. Het vangen en houden van kikkervisjes is een beetje een grijs gebied. De wetgeving zegt hier niets over en je mag kikkervisjes voor educatieve doeleinden meenemen.

Wanneer kikkervisjes veranderen in kikkers (of padden) dan moet je ze weer in de vrije natuur loslaten. Tenzij het natuurlijk om eigen kweek gaat, sommige kikkers en padden mogen namelijk wel als huisdier worden gehouden. Bijvoorbeeld de koraalteenboomkikker of de vuurbuikpad.

Voordat je aan kikkervisjes begint

Bedenk dat je niet zomaar voor de handel wat kikkerdril of kikkervisjes uit een vijver of sloot moet vissen. Weet waar je aan begint, deze diertjes hebben namelijk verzorging nodig. Ook moet het je doel zijn om hier gezonde kikkers uit te krijgen.

Overal waar je hier kikkerdril of kikkervisjes ziet staan kun je ook paddendril of paddenvisjes lezen.

Stap 1: kikkerdril zoeken en meenemen

Ga niet in een sterk stromend beekje naar kikkerdril zoeken, de kans dat je dit hier vindt is heel klein. Je komt kikkerdril wel in stilstaande slootjes of plassen tegen. Vaak gaat het om een vijver, een afgesloten sloot of een rustige plas. Het kikkerdril dobbert op het water en hangt vaak tussen waterplanten.

Kikkerdril herken je doordat het als een klompje eitjes bij elkaar ligt. Elk eitje heeft een zwart puntje. Paddendril ziet er hetzelfde uit maar vormt juist snoeren. Neem een potje of emmer mee en doe hier wat water uit de vijver of sloot in. Neem een handjevol kikkerdril in de emmer of het potje mee naar huis. Het is uiteraard niet de bedoeling dat je alles meeneemt, er moet nog voldoende in de vijver of sloot achterblijven.

Stap 2: aquarium of glazen bak

Je kunt het kikkerdril het beste in een aquarium of grote glazen bak doen. Heb je dit niet, kies dan voor een grote emmer. Het is belangrijk dat je het aquarium of de bak met water vult dat afkomstig is uit de vijver of sloot waar je het kikkerdril gevonden hebt. Gebruik liever geen puur kraanwater, dit is niet goed voor de kikkervisjes. Het bevat namelijk teveel kalk en het ontbreekt aan voedingsstoffen.

Soms wordt gezegd dat kikkervisjes doodgaan van kraanwater maar dit klopt niet. Ons kraanwater is zeer schoon en bevat geen chloor. Enig nadeel is dat het geen algen en waterdiertjes bevat, dit is iets waar kikkervisjes van leven. Daarom kun je in het begin het beste voor slootwater kiezen zodat de net uitgekomen kikkervisjes gelijk al voedingsstoffen hebben.

Stap 3: waterplanten toevoegen

Zorg voor 1 tot 3 waterplantjes in het aquarium of de bak. Dit is een prima schuilplek voor de kikkervisjes. Bovendien zorgen de waterplanten ervoor dat er zuurstof in het water komt. Je kunt waterplantjes uit de vijver of sloot halen maar ze zijn ook in de dierenzaak te koop. Waterpest bijvoorbeeld, dit is ontzettend goedkoop.

Bekijk waterpest

Stap 4: wachten tot de eitjes uitkomen

Het duurt gemiddeld drie weken voordat de eitjes uitkomen. Een en ander is afhankelijk van de temperatuur van het water. Wanneer het water warmer is dan gaat het wat sneller dan bij koud water. Zodra er een larve uit het eitje komt dan zuigt deze zich aan het dril of een waterplant vast. De eerste tijd blijft de larve hier hangen. Het heeft nog geen mond, oogjes en staart.

Stap 5: kikkervisjes gaan zwemmen

Na enkele dagen veranderen de larven in kikkervisjes. Ze hebben nu duidelijk ogen en een mond, hierdoor kunnen ze eten. Met hun staart kunnen ze goed zwemmen. Het kikkervisje eet van het ei waar het uit is gekomen, dit hoef je dus niet te verwijderen. Later eet het kikkervisje van algen, wieren en plantaardig en dierlijk materiaal.

Stap 6: bijvoeren

Je zal al snel de kikkervisjes bij moeten gaan voeren. Geef watervlooien, muggenlarven, waterplanten, stukjes sla of andijvie. Wanneer er dode kikkervisjes in de bak zitten hoef je deze niet direct eruit te halen. De andere kikkervisjes eten dit op. Bij heel veel dode kikkervisjes is het wel beter om ze te verwijderen in verband met het verspreiden van ziekten.

Stap 7: plateau maken

Zodra de kikkervisjes achterpoten ontwikkelen, want die verschijnen als eerste, moet je een plateau maken. Er komt een moment dat de kikkervisjes uit het water kruipen. Bied ze die gelegenheid en maak een makkelijk te bereiken plateau. Dit kun je met een stuk hout doen, maar je kunt ook wat stenen zo neerleggen dat ze boven het water uitsteken.

Houd er rekening mee dat de kikkervisjes met poten al aardig kunnen klimmen en zelfs wat springen. Zorg dus dat de bovenkant van de bak goed dicht is of stap over op een terrarium.

Stap 8: de vrije natuur in

Van kikkervisje naar kikker is een leuke metamorfose, ook nog eens hartstikke educatief. De ademhaling vanuit de kieuwen verandert naar een ademhaling via de huid. Daarom moeten kikkervisjes met pootjes ook uit het water kunnen klimmen. Hun voedingsbehoeften verandert ook, ze hebben nu levend voer nodig. Dit is het moment dat je kikkervisjes in de vrije natuur uitzet.

Kikkervisjes verzorgen: ziekte onder deze diertjes

Bij de verzorging van kikkervisjes kan het dat ze ziek worden of doodgaan. Schimmel is iets dat veel bij kikkervisjes voorkomt. Vaak gaat het om bekschimmel of kieuwschimmel. Er zijn schimmeldodende middelen verkrijgbaar maar het is lastig om de hele bak te behandelen. Beter kun je de zieke kikkervisjes eruit halen en apart zetten. Zo kun je ze behandelen of een afwachtende houding aannemen.

Kikkervisjes hebben ook natuurlijke vijanden. Dit zijn volwassen kikkers en padden, salamanders en roofkevers. Wanneer je kikkervisjes verzorgt hebben ze hier geen last van. Toch is het belangrijk om er rekening mee te houden dat je geen volwassen kikkers en padden, salamanders of andere dieren bij de kikkervisjes zet.

DierDier

Ik ben Heidi en oprichter/eigenaar van zodier.nl. Gek op dieren, in het verleden eigenaar geweest van een hondentrimsalon, konijnen- en knaagdierenfokkerij én werkzaam geweest bij een dierenarts. De inhoud van de artikelen is nooit een vervanging voor medisch advies of een bezoek aan de dierenarts.

De producten waarnaar op deze website wordt verwezen betreft affiliate linkjes. Hier ontvangt zodier.nl een (kleine) vergoeding voor. Op deze manier kan de website blijven bestaan.